Karabalvalastan

Dit bericht is deel 101 van 106 in de reeks Donderdagse dialogen

De eerste van – weer es – een nieuw leven. Ik ben een wandelend jungiaans cliché, en daar doe ik dit hele Onderweg mee. Ik zigeuner door tijdloze ruimte vol medereizigers. Een losgeslagen projectiel, zouden sommigen beweren, maar hoe anderen wat ook allemaal draaien en keren, ik ken mezelf uiteindelijk nog het best. 

Ik fluctueer, ik ben geen statisch object, en ik stel mezelf het vaakst teleur. Als ik mezelf kan vergeven kan ik het jou ook en als ik jou kan vergeven vind ik dat jij dat omgekeerd ook maar moet doen. Excuses als dat confronterend op je inwerkt.  

Weer es een allereerste dag van een nieuw leven. Het voelt bezwarend. Alsof ik mijn lichaam heb opgegeven wegens te irritant en ergerlijk. Soms werkt het vlot, soms helemaal niet, altijd is er misschien niks mis mee, en zowel ervaring als praktische toepassing ervan is in de hersenen neurologisch fysisch aantoonbaar ferm verstoord. 

Ik besluit de medicatie tegen neuropathische pijn in gezicht en oor af te bouwen. Want misschien heb ik ze niet meer nodig. Enkele dagen later blijkt dat weerom een erg slecht idee geweest. Auwa. Dit lichaam is niet bruikbaar zonder dat spul en het leven wordt instant volcontinu geheel waardeloos. 

Belabberd voelt het om zo afhankelijk van pharmaceutica te zijn, maar toch liever dat dan telkens onverwachte trigenimuspijnlijk plotse pijnscheuten tot diep in mijn oor, bovenop een heleboel andere sensaties die ook niet al te aangenaam zijn. 

Ik voel me gemangeld door de keuze: een parkeerplaats, zonder veel benodigd onderhoud, kopen waar ik rustig kan gaan sterven in mijn Dídean whenever i feel like it of een sta-caravan met binnenin wat meer comfort en ruimte op een stukje grond dat ik pacht of huur.

Op de allermoeilijkste dagen hunker ik enorm naar een vertrouwd plekje, met stopcontact en waterkraantje, waar ik naartoe kan rijden en simpelweg het recht heb om met Dídean te blijven staan zolang het nodig voelt. Op betere dagen, en zeker op echt goede dagen, heb ik allerminst zin in een extra eigendom waar ik verantwoordelijkheid over draag. Het zou alleen maar ergerlijk overbodig gewicht en ballast zijn. 

Onverwoordelijks komt vanzelf ter hulp geschoten. Plotse onverwachte wendingen buiten mijn controle staan alle daadkracht, en de bijhorende keuze en beslissing, in de weg. Dídeans warmwaterboiler en verwarming gaat, na 27 jaar dienst, plots stuk. De nodige vervangstukken ter reparatie van het specifieke model blijken al dik tien jaar onbestelbaar. 

Nu ben ik een heleboel spaargeld armer en een nieuwe verwarming rijker. Eentje zonder boiler – die vond ik altijd al overbodig – gemonteerd op een strategisch veel interessanter plek.  Nu is er in Dídean warmte waar ik die nodig heb. Zonder dat mijn toilet een stinkende sauna wordt; zonder dat mijn koelkist veel te hard moet werken; zonder volcontinu warm water ter beschikking dat ik hooguit tien minuten per dag nodig heb; en vooral ook zonder dat er een heleboel ruimte wordt ingenomen door machine, vat, luchtslangen, waterleidingen, -pomp, en een heleboel bekabeling en sensoren. 

Tengevolge is ondertussen de stacaravan, die ik op het oog had, aan iemand anders verkocht. Wel heb ik nu goed contact met de uitbaatster van een camping die strategisch goed gelegen is tussenin ziekenhuizen, kinesiste, huisarts, en bekenden. Wat de parkeerplaats betreft, is de syndicus van het omringende complex nog bezig met uitzoeken waar afsluitkraan en dergelijke precies zitten, want blijkbaar heeft verkoper noch makelaar weet daarvan. Ik zie wel wat er gebeurt eens ik daar bericht van krijg. 

Eerst nog alles van het oude systeem uitbouwen, en dan heb ik in Dídean veel meer ruimte om spulletjes en leefsysteem te organiseren. Ik zal er zo meteen aan beginnen.  Een vriend heeft oprit en garage ter beschikking gesteld, en ik heb goede moed dat ik het wel weer zal fixen op mijn eigen tempo en ritme.

Wish me love and luck, jezelf net zo, we karavanen voort. Op naar volgende week alweer.


Beertje Bernie

Beertje Bernie

Beertje neemt lezers elke donderdag mee in Dídean, het busje waarin ze woont als nomade zolang dat nog kan. Deze woonvorm maakt het mogelijk voor haar om te leven ondanks het gewicht – en het licht – van pervasieve ontwikkelingsstoornissen, chronisch ptsd met dissociatieve kenmerken, en multiple sclerose. Klik hier voor duiding bij soms wat rare woordjes in dit blog. Meer over Beertje Bernie

Donderdagse dialogen

Lubbalansach Pricavacysed

Mis geen enkele blog van deze auteur!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief
van Beertje Bernie

Selecteer een of meerdere nieuwsbrieven:

🖂 Schrijf u hier in voor andere nieuwsbrieven
Wij spammen niet! Lees meer in onze privacy policy


U wilt reageren op deze blogpost? Dat kan op onze facebookpagina!

Vindt u wat u net las interessant? Overweeg dan om u in te schrijven op de nieuwsbrief van deze blog en ontvang een e-mail telkens iets nieuws verschijnt.