Dídean sluit de deuren, en ik duik diepte zonder decoratie in. Wat heb ik aan spiegels als reflectie onherkenbaar wordt? Gedachten roteren decennia rondom dezelfde retorische vragen als levenslot.
Een leven op slot.
Ik laat ze los – wat kan ik anders – en in stilte blijf ik achter.
Achter op de anderen, of ver vooruit misschien. Niemand die dat onderscheid kan maken, ook niet wie denken van wel. Er is immers een vijfde windrichting, die we niet kunnen ontwaren temidden van alle stormen uit de andere vier.
Perceptie is een keuze, en alleen perceptie bepleit richting en prioriteit. Wie zodoende, al dan niet opzettelijk, kiest voor de vijfde reist vanzelf voorbij de horizon. Veel te ver om ooit nog terug te raken waar de reis begon, zelfs zonder te verplaatsen. Geografie blijkt irrelevant op de rand van de afgrond waar uiteindelijk zowel de mediterende monnik als de gulzige globetrotter belandt. Wie springt weet niet of ie zal landen. Laat staan waar, wanneer, of hoe.
Nochtans herkent iedere waaghals het plateau waar alle mythisch mistig meanderende gevoelswateren van materie en menselijkheid vragen om de sprong te wagen die onverbiddelijk leidt tot manifestatie.
Omdat ie er al eerder was?
Onomkeerbare keuzes als levenslot in een leven op slot dwingen tot tijdservaring, en dus ook verval. Ze tonen telkens weer een verrassende spin-off van de inherente spin van onze ware essentie in tijdloze potentie. Onvoorspelbaar, hoe zorgvuldig ook een keuze was.
De kat van Schrödinger mag dan zowel dood als levend wezen, alsook elk ander onvoorstelbaar alternatief… Het blijft een kat. Voor mij vertegenwoordigt ze de hoop, die bleef nadat Pandora haar doos weer gesloten had.
Tot volgende donderdag.


