Reizen met de Vespa (Deel 8)

Dit bericht is deel 8 van 10 in de reeks De Vespa als aantrekkingskracht voor bizarre reisverhalen

Inleiding

Onze eerste verre reis met de Vespa was, achteraf gezien, een gedurfd en ambitieus project dat op en top is gelukt. De Pyreneeën werd onze speeltuin. Vergis u niet: van hier naar ginder is met een Vespa geen sinecure: geen enkele autosnelweg, dagelijks (op één uitzondering na) een andere slaapplaats waarbij de tenten opgezet en meteen weer afgebroken werden, en alle grote Cols van de Pyreneeën bedwongen.

We hebben binnen dit hele project twee topervaringen mogen meemaken. In twee edities wil ik er graag over getuigen.

Een avondje uit in Arras-en- Lavadan

Op de eerste dag in de Pyreneeën stonden drie respectabele cols geprogrammeerd: de Col du Pourtalet, de Col du Soulor en de Col d’ Aubisque. De Spaanse grens zouden we even letterlijk overrijden als symbolisch bewijs dat we in Spanje waren geweest. Met de Vespa vanuit Oostende!

Onze slaapplaats was de fraaie gemeentelijke camping ‘L’Idéal’ met zwembad in Arras-en-Lavedan. Aangenaam detail: de rekening van de camping bedroeg 7,5 euro per persoon. We bevonden ons op 1200 kilometer van huis. Deze klus klaarden we in drie dagen. Achteraf bekeken: wat een onderneming!

Toen we ’s middags voor onze eerste col stonden herinner ik me goed dat Lorenzo en Kris op die parking waar we een broodje aten eerlijk toegaven zenuwachtig te zijn: ze hadden nog nooit een col opgereden. Vooral een col afdalen wat het moeilijkste is, drong op dat moment niet ten volle door. Gelukkig waren de weersomstandigheden gunstig. Ooit moest ik met een analoog onzeker gevoel mijn eerste col op en af bij gutsende regen. Dat is nog andere koek.

De groepsdruk deed positief haar werk: iedereen bedwong de drie Cols naar behoren. De afzonk van de Aubisque leidde ons naar het stemmige dorpje Arras-en- Lavedan in het gebied Hautes-Pyrénées.

Bij valavond nog snel even een plons in het zwembad. Een overgelukkig gevoel, eindelijk in de Pyreneeën te zijn, alles verlopen zoals voorzien, veel beter eigenlijk. Een Club Med-gevoel kwam er zelfs aan te pas, zoveel luxe hadden we op een camping nog niet gehad, zelfs tot op vandaag.

Het was de periode dat we op onze Vespareizen niet zelf kookten. We dachten toen dat dit praktisch moeilijk haalbaar zou zijn. Toekomstige reizen bewezen het tegendeel.

Dat koken is steeds een mix van humor en ambiance. Onze kok heeft nauwelijks ervaring, probeert met volle overgave beter te zijn dan de Zweedse kok uit de Muppetshow. Vaak steelt hij de show, met en zonder besef. En wat we op ons bord krijgen, is steeds dik in orde. 

Maar in die periode gingen we elke dag democratisch uit eten. In Frankrijk kon dat toen in 2015 en kan dat vandaag nog.

Die mooie zomeravond begin augustus kondigde zich opperbest aan. We konden op wandelafstand naar het dorpsplein waar enkele eenvoudige restaurantjes waren.

Met een hoopvol verlangen wandelden we vanuit de camping naar het centrum van het dorp. Ik stapte onbekommerd met wat afstand achter mijn vrienden aan. Ze wilden snel een eetgelegenheid vinden. Een hoogbejaarde dame, die op een muurtje zat dat schuin omhoog liep, knikte me vriendelijk goeie avond. Ze nam me emotioneel te grazen door haar uitnodigende blik. Ik hield halt terwijl de anderen hun weg vervolgden.

Ik vertelde haar waarom we hier waren en liep hoog op met de mooie streek waar ze woonde. Ik vroeg haar hoe ze in godsnaam in zijn klein gehucht de strenge winters eigen aan een bergstreek doorbracht. Ze vatte het gesprek aan met zachte, rustige stem. Ze was 86, woonde hier al heel haar leven en mikte in haar wederwoord op enkele opmerkelijke gebeurtenissen uit de verleden. Met een mooi Zuid-Frans accent vertelde ze over twee extreem moeilijke winters in de jaren ’70 en enkele in de jaren ’80. Maar verder, ‘on se débrouille, uitdrukkend dat het allemaal wel te doen is. Ik nam onder tijdsdruk afscheid en snelde naar mijn vrienden. Zij vonden het vreemd, maar maakten zich geen zorgen dat ik even verdwenen was. Ik vertelde bij aankomst met enthousiasme wat me overkomen was.

Bij thuiskomst, na de hele reis, nam Kris het woord en wist over elk lid van onze groep iets moois of sappigs te vertellen. Over mij vertelde hij dat ik succes had bij de vrouwen…. van boven de 86 voegde hij er speels aan toe.

Mijn vrienden hadden zich reeds op het dorpsplein geïnstalleerd op een van de gezellige terrassen. Ik voelde een speciale ambiance groeien en was meteen mee toen ik de serveerster opmerkte die voor een tweede keer naar de tafel kwam. Het was een frisse, jonge, plaatselijke freule die ons met enthousiasme en vriendelijkheid bediende. Van de knopen van haar blouse stond er ééntje iets te ver open. Toen ze ons de menukaarten aanreikte hadden we zowel als voor- en achtergrond zicht op het gebergte van de ‘Pyreneeën’ . 

Toen we de bestelling moesten opgeven, vroeg ik aan Luc: ‘Qu’est-ce que tu vasmanger, petit Lucien? Pauline, zo heette de serveerster, kon haar professionaliteit op dat moment niet meer beheersen en schoot in de lach. Fransen spreken wel eens over iemand met het bijwoord petit, doelden op een simpel persoon. Daardoor schoot Pauline in de lach. Maar Pauline bleef voor ons sindsdien ontegensprekelijk met Arras-en-Lavedan verbonden. Als we, zelfs tot op vandaag, de naam Pauline opnoemen, springt die mooie avond naar voren.

Na de heerlijke maaltijd zouden we nog even, alvorens naar de camping terug te keren, het dorpje verder verkennen. Er bleek in de verte een dorpsfeest of een soort optreden aan de gang. In Frankrijk is dat heel eenvoudig. Niemand trekt zich veel van uiterlijke schijn aan: als het maar gezellig is. Hoe zo’n feest verloopt, we zien wel, is hun devies.

En inderdaad, we mochten ons zonder problemen onder de Fransen mengen en het duurde geen 5 minuten of enkelen van ons stonden gek te doen op de dansvloer. Dansen was het niet echt, gewoon de eerste beste beweging die ons te binnenschoot, hopla, we gingen ervoor. 

Het orkest, er was geen sprake van de dj, was een exponent van de Franse mentaliteit: complexloos musiceren. Er waren twee muzikanten voor drie instrumenten: een drumstel, een elektrische gitaar en een keyboard. Afhankelijk van het liedje wisselde de samenstelling van het orkest. De ene keer stond het drumstel er werkloos bij, de volgende keer wachtte de gitaar eenzaam op het statief en dan was er eens geen keyboard. Ik had die samenstelling meer in het oog dan mijn vrienden dat hadden.

Na overschouwing stapte ik naar de waard toe. We wisselden wat woorden en ik keerde terug naar mijn vrienden die op dat moment allemaal aan een tafeltje zaten.

Plots stak de waard zijn hand op. Voor mij een duidelijk signaal, mijn vrienden letten er zelfs niet op.

Ik stapte met grote zenuwachtigheid richting muzikanten, fluisterde hen wat toe en nam plaats achter het drumstel. Un, deux, trois sloeg ik met de trommelstokken tegen elkaar en het orkest, met mij erbij, stak van wal. We speelden het toepasselijk lied: ‘On The Road Again’.

De mond van mijn vrienden viel letterlijk van verbazing open. Ik had de waard enkele minuten eerder gewezen dat er een muzikant te kort was en dat ik als amateur op het drumstel wel mijn plan kon trekken. Alweer typisch Frans, ‘Geen probleem, ik roep je straks wel’, waren zijn woorden.

Toen de monden van mijn vrienden dicht vielen na dit surrealistisch moment en ze hun verbazing overwonnen hadden, stormden ze naar het orkest toe. Carlos begon het onvoorziene spektakel op film te vereeuwigen en Kris reikte me als een soort baxter een pintje aan terwijl ik aan het spelen was. De ambiance groeide gestaag, het hek was van de dam.

Na het nummer nam de uitbater de microfoon én het woord. Hij had het over een fijne samenwerking die hij als Franco-Belge bestempelde.

We beleefden een superavond waarin we uiteindelijk van de ene in de andere verrassing tuimelden, allemaal binnen de Franse mentaliteit. Alles zonder voorbereiding, genietend van het moment zelf. Gewoonweg, schitterend!

Foto: Carlos Vancraeynest


Bart Houwen

Bart Houwen

Bart heeft een verleden als auteur van schooluitgaven, gelegenheidsuitgaven voor motortijdschriften en Vespa Club Oostende. Hij is directeur op rust van een Vrije Kleuterschool. Meer over Bart Houwen

De Vespa als aantrekkingskracht voor bizarre reisverhalen

Reizen met de Vespa (Deel 7) Reizen met de Vespa (Deel 9)

Mis geen enkele blog van deze auteur!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief van Bart Houwen

Selecteer een of meerdere nieuwsbrieven:

🖂 Schrijf u hier in voor andere nieuwsbrieven
Wij spammen niet! Lees meer in onze privacy policy


U wilt reageren op deze blogpost? Dat kan op onze facebookpagina!

Vindt u wat u net las interessant? Overweeg dan om u in te schrijven op de nieuwsbrief van deze blog en ontvang een e-mail telkens iets nieuws verschijnt.