Ten Aanval! (Deel 3)

Dit bericht is deel 3 van 3 in de reeks Oorlogen in Oostende

In mijn vorige twee blogs kon u al lezen dat Oostende omwille van zijn strategische ligging zowel in de 17de als de 18de eeuw bezet werd door vreemde troepen. En dan moest het grootste onheil nog komen in de 20ste eeuw.

De Wereldoorlogen van de 20ste eeuw
Op 4 augustus 1914 viel het Duitse leger België binnen. Op 15 oktober 1914 kwam Oostende zonder slag of stoot in handen van de Duitsers. Oostende lag tijdens W.O.I niet aan het front, maar het speelde toch een belangrijke rol in de Duitse bezetting. De Duitsers bouwden er een netwerk van bunkers, observatieposten en schuilplaatsen om geallieerde landingen te voorkomen. Het kustfront liep van de IJzer tot de Nederlandse grens.
De Duitsers die hier gelegerd waren, maakten deel uit van de Duitse Keizerlijke Marine en artillerie-eenheden. Zij hadden de taak om de strategisch belangrijke haven van Oostende te verdedigen, die de Duitsers gebruikten voor hun onderzeeërs en kleine oorlogsschepen. 

De lokale bevolking kreeg te maken met zware beperkingen. Veel burgers werden verplicht te evacueren, zeker als hun huizen te dicht bij militaire installaties lagen. Sommigen bleven achter en werkten als arbeiders of leveranciers, vaak onder dwang. Het leven onder de bezetting betekende voedselschaarste, censuur en voortdurende controle door de Duitse autoriteiten.

De Duitsers verlieten Oostende op 15 oktober 1918 nadat ze alle batterijen, sluizen en haveninstallaties ten westen van Oostende onklaar hadden gemaakt. De Belgische militairen kwamen op 16 oktober in Oostende aan. De oorlog eindigde officieel op 11 november 1918.

De best bewaarde Duitste kustbatterij uit W.O. I bevindt zich in Domein Raversyde. De batterij Aachen is genoemd naar de oude keizerstad Aken. Het is de meest westelijke batterij aan het Belgische kustfront.
De batterij telt vier geschutsopstellingen die uitgerust waren met 15cm scheepskanonnen die tot 18km ver konden schieten en 40 ton wogen. Er bevonden zich twee observatiebunkers op de batterij en een commandocentrum, loopgraven, munitievoorraadbunkers, een schuilbunker en troepenverblijven.

De Tweede Wereldoorlog

Het leger van führer Adolf Hitler veroverde België na een 18-daagse veldtocht van 10 tot 28 mei 1940. Koning Leopold III capituleerde samen met zijn troepen op 28 mei 1940. Het stadscentrum, de haveninstallaties, de vismijn en de zeedijk van Oostende werden zwaar getroffen door Duitse bombardementen in de nacht van 27 op 28 mei. Daarbij werden 1.500 gebouwen vernietigd en kwamen 34 Oostendenaars om het leven. Ook het Stadhuis op het Wapenplein ging in de vlammen op. Zowel de bibliotheek, het stedelijke archief als de kunstcollectie gingen daarbij verloren.  Zo komt het dat veel oude documenten en ook vier werken van James Ensor reddeloos verloren zijn. Gelukkig kunnen historici schaduwarchieven raadplegen van de deelgemeenten (Stene en Zandvoorde) of van andere overheden.

Opnieuw bouwde de Kriegsmarine Oostende uit als oorlogshaven met een snelbootbunker, verdedigingswerken en andere bunkers. Op de Spuikom werd een vliegbasis voor watervliegtuigen aangelegd. In Raversijde legde het Duitse leger een nieuw vliegveld aan. Oostende was een belangrijke schakel in de uitbouw van de Duitse Atlantikwall, de 5.300 kilometer lange verdedigingslijn van vestingwerken van het noorden van Noorwegen tot aan Biarritz in Frankrijk.

Voor de Oostendenaars was de oorlog opnieuw een periode van zware beproeving. Huizen en hotels op de zeedijk werden ontruimd of gesloopt. De toegang tot de zeedijk en de zee werd afgesloten. Op de plaats van het Kursaal kwamen militaire constructies. Oostende was ook het doelwit van geallieerde bombardementen om de haveninstallaties uit te schakelen, maar waarbij helaas ook talrijke burgerdoelen werden geraakt. Er was strenge Duitse controle met een avondklok, verplichte tewerkstelling en voedselrantsoenering.

Het einde van de oorlog werd ingeleid met D-Day, 6 juni 1944 waarbij de geallieerde troepen erin slaagden de Duitsers op de Normandische stranden te verslaan en van daaruit de herovering van Europa aan te vangen. Op 8 mei 1945 capituleerde het Duitse leger. Oostende was reeds op 8 september 1944 bevrijd door de Canadese Manitoba Dragoons.

Na de oorlog begon de wederopbouw zowel voor de getroffen burgerbevolking als voor de stedelijke overheid. Heel wat openbare gebouwen waren vernield of zwaar getroffen: het Stadhuis, het Kursaal, het Postgebouw. Ook de koninklijke chalets en het mooie Royal Palace Hotel waren zeer zwaar beschadigd en werden afgebroken. 

Tijdens W.O. II werd Raversyde een belangrijk onderdeel van de Atlantikwall. Daar was een onderdeel van de Duitse Kriegsmarine gelegerd: Marine-Artillerie-Abteilung 204 (MAA 204). Deze eenheid was verantwoordelijk voor de kustartillerie en bediende de zware kanonnen die hier opgesteld stonden. De bunkers, observatieposten, munitiekamers en ondergrondse gangen die zij gebruikten, zijn tot op vandaag uitzonderlijk goed bewaard dankzij prins Karel die verbood om ze af te breken op zijn domein. In het Domein Raversyde kun je de originele bunkers en gangen bezoeken. Het is een van de best bewaarde delen van de Atlantikwall in Europa. Vanzelfsprekend is het wapentuig onklaar gemaakt!


Martine Meire

Martine Meire

Martine Meire heeft, vanuit haar engagement als cultuurwerker, vooral aandacht voor erfgoed en cultuur in haar thuisstad Oostende en de wereld. Meer over Martine Meire

Oorlogen in Oostende

Ten Aanval (Deel 2)

Mis geen enkele blog van deze auteur!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief
van Martine Meire

Selecteer een of meerdere nieuwsbrieven:

🖂 Schrijf u hier in voor andere nieuwsbrieven
Wij spammen niet! Lees meer in onze privacy policy


U wilt reageren op deze blogpost? Dat kan op onze facebookpagina!

Vindt u wat u net las interessant? Overweeg dan om u in te schrijven op de nieuwsbrief van deze blog en ontvang een e-mail telkens iets nieuws verschijnt.