Ons Mathilde kreeg haar eigen azalea

Tijdens de Floraliën Gent van dit jaar werd een nieuwe azalea voorgesteld. Ze kreeg de naam Mathilde, naar onze geliefde Koningin Mathilde.

Als prinses werd er al eens een kamerplant naar haar genoemd, maar een wit-roze azalea, dat is toch net dat tikkeltje specialer. Twintig jaar werd er gewerkt aan dit unieke plantje. Dat bloemenwonder moesten we dus met eigen ogen gaan bekijken. Dit jaar stonden de Floraliën in het teken van “verbinden”. Je wordt er meegenomen door een kunstige wereld van bloemschikken, de ene creatie nog imposanter en kleurrijker dan de andere. Sierlijke, pop-up aangelegde tuinen vol azalea’s en rododendrons, toevallig twee van mijn lievelingsplanten.

Het laatste deel was indrukwekkend, maar op een andere manier. Eerder: confronterend. Een aangelegd bos met dode bomen, een toekomstbeeld waarin planten groeien in grotten onder een artificiële zon. Zo’n beeld dat blijft hangen, dat je even stil maakt. We doen al veel om onze aardkloot minder ziek te maken, maar het is duidelijk: het zal nog iets meer mogen zijn. Ik doe alvast mijn best, vind ik zelf. Mijn toiletpapier is van bamboe, netjes verpakt in papier. Mijn kuisproducten zijn ecologisch, of ik grijp gewoon naar azijn. De was draait op lage temperatuur, met een kort programma en geconcentreerde eco-strips — geen plastic, 100% vegan en diervriendelijk. Zelfs de afwas gebeurt volgens datzelfde principe. Sinds kort ontdekte ik ook de shampoo-bar: een simpel blokje haarzeep in een kartonnen doosje. En in de douche staat een hervulbare fles douche gel. Een klein verschil, toch weer een stapje.Zelfs mijn katten doen mee aan het ecologische verhaal. Geen kattenzand, dus ook minder vuilzakken. Ze gebruiken netjes oude kranten, en op de koer staat een grote bak met schors waar ze graag hun weg in vinden.

Het kan altijd beter, dat weet ik wel. De verwarming een paar graden lager bijvoorbeeld… maar daar werk ik nog aan.

Terwijl ik in de buurt was, heb ik ook de Plantentuin van Gent bezocht. Als liefhebber en hobbyist kon ik deze kans moeilijk laten voorbijgaan. Een echte tuin heb ik niet, maar wel een ruime koer waar een bont gezelschap aan planten en vooral kruiden groeit. Gekocht of zelf opgekweekt uit zaadjes: kruiden voor thee of in de keuken, en ook medicinale soorten zoals goudsbloem en kamille, citroenmelisse en munt. Tussen het groen staan kerstomaten in allerlei kleuren en een verzameling peperplantjes die het verrassend goed doen.

Wanneer ik al die kruiden effectief zal gebruiken, weet ik niet. Maar het plezier zit evengoed in het hebben en verzorgen ervan. Ik geniet oprecht meer van mijn peterselie of karwij in bloei dan van een klassieke geranium, al is die laatste trouwens ook niet zonder geneeskracht. De Gentse plantentuin bestaat al meer dan tweehonderd jaar en biedt een indrukwekkende verzameling van zowel inheemse als exotische planten en bomen. Het is zo’n plek waar je traag gaat wandelen, vanzelf wat stiller wordt en waar je blik blijft hangen op details die je anders zou missen.Het plan was om nadien ook nog de abdijtuinen te bezoeken, maar de weergoden hadden andere ideeën. Halverwege de namiddag begon het zachtjes te regenen eerst aarzelend, daarna beslist.

Soms beslist de dag gewoon zelf hoe hij eindigt.

Ik volg nu al een paar maanden een cursus kruidenleer, en onlangs gingen we met de klas op uitstap naar de Plantentuin Meise. Naar schatting wordt één derde van alle plantensoorten bedreigd. Het mooie aan botanische tuinen zoals deze, is dat ze actief helpen om die biodiversiteit te bewaren. Dat doen ze via hun uitgebreide collecties, een zadenbank en onderzoeksprogramma’s, zowel nationaal als internationaal. Het domein is simpelweg te groot om in één dag volledig te verkennen, dus moesten we keuzes maken op basis van onze interesses. Aangezien we ons verdiepen in medicinale planten, was het logisch dat we met de klas de middeleeuwse tuin en de culinaire tuin bezochten.

Ook het hout-lab, vond ik bijzonder interessant. Daar kan je onder meer een filmpje bekijken dat toont hoeveel werk een boom verzet om te groeien. Daarnaast is er een indrukwekkende muur met houten panelen van verschillende houtsoorten, met uitleg over hun herkomst en toepassingen. Na de lunch waren we vrij om zelf op ontdekking te gaan. Een wandeling langs de kasteeltuin en het Kasteel van Bouchout, met een kleine omweg door de bamboetuin, bracht me uiteindelijk bij de serres, die ik als mooie afsluiter van het bezoek nog even verkende. “Het Plantenpaleis”, waar je onder andere het tropisch regenwoud, nevelwoud en subtropisch regenwoud kan ervaren. Waar ook een paar planten en bomen staan die enkel nog in beschermde omgevingen te vinden zijn.

Ik moet zeggen: ik heb echt genoten van deze uitstappen. Maar ik durf ook toegeven dat “plantjes kijken” voor deze maand wel even volstaat.


Mo Verbiest

Mo Verbiest

Morag Verbiest wordt Mo of Mootje genoemd omdat bijna niemand haar naam juist uitspreekt. Ze is geboren en getogen in Oostende sinds meer dan een halve eeuw. Meer over Mo Verbiest

Mis geen enkele blog van deze auteur!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief
van Mo Verbiest

Selecteer een of meerdere nieuwsbrieven:

🖂 Schrijf u hier in voor andere nieuwsbrieven
Wij spammen niet! Lees meer in onze privacy policy


U wilt reageren op deze blogpost? Dat kan op onze facebookpagina!

Vindt u wat u net las interessant? Overweeg dan om u in te schrijven op de nieuwsbrief van deze blog en ontvang een e-mail telkens iets nieuws verschijnt.