Veel steden eren hun helden. Dat kan zijn met een standbeeld, een straatnaam, een plein, of… een luchthaven. Oostende heeft naast een luchthaven vele helden. Lucy Loes, de Koningin van het visserslied. Arno Hintjens, Officier dans l’ordre des Arts et des Lettres in Frankrijk en, voor wie dat wil, Wendy van Wanten, levende legende van het lichtere genre. Zelfs Marvin Gaye, toch geen nietsnut als het op internationale bekendheid aankomt, streek ooit voor een poos neer in de Stad aan Zee. En Baron James Ensor uiteraard, toch wel de bekendste kunstenaar die Oostende ooit voortbracht.
Wie met het vliegtuig aankomt in Oostende merkt daar echter niets van, ook al landen ze op nog geen kilometer van de begraafplaats van deze Bekende Oostendenaar. Wie aankomt in Oostende landt op de Oostend-Bruges Flanders International Airport. Een doordeweekse benaming, met Brugge in de naam om in het buitenland toch nog enige bekendheid te kunnen veinzen. Want wie kent Oostende nog?
Nochtans kan het ook anders. Rome heeft de Da Vinci luchthaven, die van Malaga is genoemd naar Picasso. Wie aankomt in Liverpool doet dat op de John Lennon Airport, Gerona heeft Dali Airport, Warschau noemde zijn luchthaven naar Chopin, Helsinki heeft Sibelius, de reeks voorbeelden zijn schier eindeloos, met uiteraard het New Yorkse JFK International Airport, genoemd naar de in 1963 vermoorde president John F. Kennedy, als bekendste vaandeldrager van de naar helden genoemde luchthavens.
De ooit zo mondaine badstad Oostende verloor echter al veel van zijn pluimen, getuige de erbarmelijke staat van de parel aan de kroon van de Koningin der Badsteden (zoals de stad enkele decennia geleden nog bekend stond). Het Thermae Palace Hotel, dat symbool staat voor de vroegere glorie van de stad maar er nu verkommerd bijligt, als getuige van het Oostende dat ooit was.
Nu men eindelijk plannen heeft, de zoveelste al, om het gebouw in zijn oude grandeur te herstellen, nu men na het Ensorjaar van 2024 de oude meester herondekt heeft, en nu men met Oosteroever een volledig nieuw en luxueus stadsdeel aan de badstad heeft toegevoegd, wordt het misschien tijd om ook de luchthaven, die al vele jaren stiefmoederlijk behandeld wordt en in het buitenland vooral bekendheid geniet door de humanitaire vluchten van het Rode Kruis of B-Fast, die er na elke middelgrote tot behoorlijke ramp vertrekken, om die luchthaven ook de uitstraling te geven die Oostende als moderne badstad verdient.
De Stad aan Zee verdient meer dan een saaie luchthaven, die het blijkbaar nodig heeft om naar een andere kunststad vernoemd te worden. En Baron Ensor verdient meer dan om, na de vele evenementen die zijn naam droegen in 2024, weer vergeten te worden als ambassadeur van de Koningin der Badsteden. Een Koningin die het in zijn tijd zeker was.
Daarom stel ik voor, als fiere Oostendenaar, om de luchthaven van Oostende voortaan als James Ensor International Airport door het leven te laten gaan. Als ode aan de meester die Oostende in de eerste decennia van de twintigste eeuw op de kaart zette als stad waar de beau monde, zelfs, en vooral, de Koninklijke familie, graag vertoefde. Als hulde aan de stad ook, die na decennia van verloedering eindelijk lijkt te herleven als de kunstenaarsstad die ze ooit was.
Het MuZee, Theater aan Zee, het Filmfestival Oostende,… Het zijn maar enkele van de vele kunstevenementen die de badstad jaarlijks op poten zet en die duizenden bezoekers trekken. We hebben met James Ensor de absolute troefkaart in handen om Oostende opnieuw als bakermat van de kunsten in het middelpunt, letterlijk en figuurlijk, van de Belgische kust te zetten.
Minister De Ridder, Burgemeester Crombez, geef ons de uitstraling waar we internationaal op zitten te wachten. Breng de grandeur terug van onze stad door de luchthaven, die nu een saaie en bedrieglijke naam heeft, te hernoemen naar de grootste kunstenaar die Oostende ooit kende. Geef ons de internationale luchthaven James Ensor en zet Oostende opnieuw op de kaart als rebelse, kunstzinnige stad. Geen simpele badplaats zoals Bredene en Blankenberge. En stad met een hoek af, gehuld in maskers van olie op doek. De stad van Ensor. Wie durft het aan om ons de luchthaven te geven die we verdienen?
Foto door The Nadrupians voor Pexels

