Sinds geruime tijd ben ik een trouwe kijker van het programma Smerconish, dat de man met dezelfde naam, Michael Smerconish, elke zaterdagmiddag via CNN International op ons loslaat.
Verscheidene keren al ging het in het programma over de “manosphere”, de online gemeenschap van ondermeer incels (involuntary celibates, onvrijwillige celibatairen), maar ook van vele mannen tussen de 20 en 30 die u en ik kennen en elke dag tegenkomen. Op het werk, in de sportschool, op de bus,.. We kennen allemaal mannen (en jongens, voor zij onder jullie die puberzonen hebben) die, gewild of niet, meegezogen worden in de wereld van de “manosphere”. Vraagt u het gerust eens na bij de mannen en vaders in uw omgeving.
U heeft misschien de Netflixreeks “Adolescence” gezien, waarin een jongen van 13 beschuldigd wordt van het vermoorden van een meisje van diezelfde leeftijd. Langzaam wordt duidelijk dat de jongeman, de dader, tot zijn gruwelijke daad gekomen is door invloeden op sociale media. Invloeden uit wat gemeenzaam de “manosphere” genoemd wordt (en vanaf nu zet ik dat woord niet meer tussen aanhalingstekens).
Anderen onder u kennen misschien de broers Tate, waarvan Andrew de bekendste is en meer dan 12 miljard (ja, u leest dat goed: TWAALF MILJARD!) weergaven had onder de hashtag #andrewtate op TikTok. In 2022 werden de gebroeders Tate in Roemenië gearresteerd, samen met twee Roemenen, op verdenking van mensenhandel, verkrachting en deelname aan georganiseerde misdaad. Het viertal zou vrouwen gedwongen hebben pornografisch materiaal te maken. De aanhouding gebeurde een dag nadat hij het op Twitter met Greta Thunberg aan de stok kreeg. Voor hun arrestatie was Andrew Tate echter al bekend en berucht op sociale media wegens zijn misogyne en vrouwonterende posts waarin hij de “ware mannelijkheid” propageerde. Een mannelijkheid waarin vrouwen enkel dienen om hun man te plezieren en geen eigen wil, laat staan maatschappelijke kwaliteiten naast het moederschap hebben.
Die posts, en vele miljoenen andere die gelijkaardig zijn, worden gretig en vaak bekeken en gedeeld door de jongemannen die de manosphere bevolken. Zij zijn niet (langer) actief op zoek naar een partner, en geven vrouwen de schuld van alles wat hen, in hun ogen, tegenhoudt om een geslaagd leven te hebben. De algoritmes van sociale media tonen hen immers elke dag de bewijzen van waarom dit zo is (en volgens hun dus ook niet gewoon “zou zijn” maar dus “is”)
Zij redeneren dat, gezien mannen maar 74 bachelorsdiploma’s halen tegenover de 100 van die diploma’s die vrouwen halen en 50% van de (Amerikaanse) vrouwen in een studie (van TD Ameritrade) beweerde evenveel of zelfs meer dan hun mannelijke partner te verdienen, wat voor een meerderheid al het geval is in diverse Amerikaanse steden, de oorzaak van hun maatschappelijke falen (werkloosheid, verslaving,…) niet anders dan de fout van vrouwen kan zijn.
Vrouwen leggen zich immers niet zomaar meer neer bij de heteronormatieve en patriarchale regels van hun ouders waarbij mannen de kostwinners zijn en vrouwen niet meer zijn dan een broedkamer en/of een zorgverlener die voor het nageslacht dient te zorgen. Vrouwen zijn in de eenentwintigste eeuw de grootste groep studenten die een universitair diploma behaalt. Ze zijn ook niet langer strikt heteroseksueel, gezien niet minder dan 15 tot 30 procent van de vrouwen zich tegenwoordig als LHBTI, of op zijn minst niet 100% hetero, identificeert.
Kortom: de mannelijkheid zoals we die kennen van onze (groot)ouders staat in de ogen van veel jonge mannen onder druk.
Dat bleek ook uit de interviews die Michael Smerconish op CNN over dat onderwerp had met professor Scott Galloway, professor marketing aan de NYU Stern School of Business, co-host van de podcast “Pivot” met Kara Swisher en host van zijn eigen podcast “The Prof G Pod”. Hij stelt dat door deze maatschappelijke veranderingen, en de trend dat vrouwen geen relatie aangaan met mannen die, volgens hen, lager op de maatschappelijke ladder staan dan zij, mannen zich steeds meer in zichzelf doet keren en laat terugvallen op het internet in hun zoektocht naar betekenisvolle ontmoetingen.
Die ontmoetingen vinden ze echter niet bij vrouwen, maar bij gelijkgestemden die vrouwen en queers de schuld geven van het teloorgaan van waarden en normen die zij als mannelijk aanzien. Kortom: zij staan onderaan de maatschappelijke ladder omdat een groot complot, want zo zien zij het, vrouwen en queers (en in mindere mate andere minderheden) de kansen en mogelijkheden geeft die vroeger vooral naar witte mannen gingen en waar zij nog steeds recht op menen te hebben. De neergang van het mannelijke geslacht, en hun oververtegenwoordiging in de zelfmoordcijfers, is bijgevolg, opnieuw in hun ogen, het gevolg van de emancipatie van vrouwen en niet-heteroseksuelen (die groep overlapt, naargelang de studie en de man aan wie men het vraagt) in de maatschappij van de 21ste eeuw. Ook de trend naar etnische diversiteit op de werkvloer, die onvermijdelijk is gezien de wijzigende samenstelling van onze maatschappij, speelt hier een rol.
Terwijl vroeger een verwaarloosbare minderheid van die mannen tot geweld overging, denken we maar aan de school shootings in de VS, wordt de manosphere, en de geweldsdreiging die er van uitgaat, steeds meer mainstream. Dat zeg niet ik, dat zeggen de Verenigde Naties.
Toch konden we dit al decennia zien aankomen en zelfs vermijden. In het onderwijs is de vrouwelijkheid al langer de norm en worden jongens eerder aangesproken op en gestraft omwille van ongewenst gedrag. Door deze, lang onopgemerkte bias, leren jongens dat “mannelijkheid” iets is wat verhoplen moet worden terwijl “vrouwelijkheid” beloond wordt of toch als een minder zwaarwichtig kwaad gezien wordt.
Professor Doctor Wendelien Vantieghem van de UGent stelt het zo: “De cijfers over de genderkloof in onderwijs liegen er niet om. In de meest recente metingen zie je dat 5,6% van de jongens een C‑attest krijgt, tegenover 3,7% bij de meisjes. En waar 10,7% van de meisjes vroegtijdig de schoolbanken verlaat, is dat bij de jongens 17,3%.” Deze bevindingen wijzen trouwens ook op een ongelijke behandeling in het onderwijs, waarbij jongens sneller als stoorzenders worden gezien en vaker worden gestraft dan meisjes voor vergelijkbaar gedrag.
Als we daarbij ook rekening houden met het feit dat de heteronormatieve (en vaak patriarchale) maatschappij van de voorgaande eeuwen in de 21ste eeuw steeds vaker uitgedaagd wordt door andere gendernormen en – rollen, en dat etnische hyperdiversiteit ook buiten de grootsteden steeds vaker de norm wordt, dan kunnen we niet anders dan vaststellen dat het de witte, heteroseksuele jongens niet meer zo voor de wind gaat dan in eerdere generaties. Zij zoeken gelijkgestemden online, en vinden die steeds vaker in de krochten van het internet waar vrouwenhaat en de afkeer van al wie niet wit, mannelijk en hetero is welig tiert en waar, ja dat ook, geweldsdreigingen schering en inslag zijn.
We kunnen ons hierbij neerleggen, wat het beleid al enkele decennia lijkt te doen, of dit trachten te remediëren met gepaste programma’s die meteen ook toekomstperspectief bieden. De emancipatie van vrouwen, mensen van kleur en genderdiverse minderheden verdient uiteraard alle aandacht, maar kunnen we alstublieft stoppen met generaties van jonge mannen af te stoten en hen te leren dat al wie niet genderdivers, gekleurd of vrouwelijk is maar zijn heil moet zoeken in obscure chatgroepen op het internet of genoegen moet nemen met een werkloos en liefdeloos bestaan op een kamer in het huis van hun ouders? De maatschappij zal ons dankbaar zijn.
Afbeelding: ChatGPT