Is dit ons kindje? …Pernukkel…

Pitou
Dit bericht is deel 12 van 12 in de reeks Pitou, de kat die er niet meer had mogen zijn

Onze derde kat was Pernukkel, een poesje dat van kleins af heel veel “mentale problemen” had… Echt waar: in de auto gilde ze het uit tot ze weer thuis was, ze was bang van alles en iedereen, en verstopte zich dag en nacht op onze zolderkamer… Niettegenstaande de feromonen en de medicijnen die de dierenarts voorschreef, was papa op de duur de enige die haar te zien kreeg, en dan ook alleen als hij haar eten bracht…Wij brachten toen alle schoolvakanties door in onze caravan in de omgeving van La-Roche-en-Ardenne.

Pernukkeltje bleef thuis waar broer ook nog woonde. Waarschijnlijk was het verkeerd, maar we namen onze Pernukkel eens mee voor de zomer naar de camping. We dachten: OK, ze zal de hele weg waarschijnlijk gillen, want miauwen kon je dat echt niet meer noemen, maar twee maanden is voor haar toch lang genoeg om zich over de rit heen te zetten. Misschien vindt ze het daar leuk om door de ramen te kijken naar de vele vogels en eekhoorntjes, want hier, op zolder, ziet ze niets! Maar dat was echt een vergissing! We kregen haar nooit te zien: ze zat twee maanden lang onder het bed en ’s morgens zagen we dat ze gegeten en gedronken had en dat de kattenbak gebruikt was terwijl we sliepen… Eenmaal weer thuis was ze doodsbang van mij, veel meer nog dan vroeger, want IK was degene die haar “gevangen had” en meegenomen in die angstaanjagende auto… Vanaf toen kwam ze nooit meer uit haar hoekje op de mansardekamer, enkel aan Papa vertoonde ze zich, daar in haar hoekje… Korte tijd later merkte Papa dat ze haar haren massaal begon uit te trekken. Dat was voor ons het signaal dat we haar eindelijk moesten helpen, een spuitje moesten laten geven… Het beestje had eigenlijk al jaren geen levenswaardig leven meer, en nu was het echt genoeg… Arme Pernukkel, of “Nukkel” zoals we haar meestal noemden…

Ondertussen hadden we een klein zwart-wit pluizenbolletje in huis genomen: onze kleine Pitou (zie de allereerste blog, “Een klein zwart pluizenbolletje”, in de reeks over “Pitou, de kat die er niet meer had mogen zijn.”)Pitou, die bij ons kwam toen ze pas 7 weken oud was, paste zich heel goed aan, aan ons, ons huis en onze goed afgesloten stadstuin waar ze vogeltjes besloop, ging neuzen tussen de vele planten en zelfs kon klimmen in een tweetal bomen. Maar, gelukkig, waren autoritten voor haar geen probleem zodat ze trouw elk weekend en elke schoolvakantie mee kon naar de chalet waar we toen in verbleven op onze vertrouwde camping in de Ardennen! Hoewel ze daar nooit vrij kon rondlopen, was ze daar enorm graag! Ze was vastgemaakt aan een lange koord die haar toeliet op het terras van onze chalet rond te lopen en alles wat beneden gebeurde in het oog te houden, en als ze zin had kon ze ook langs de trap naar beneden om daar rond te lopen. Niet zo ver, dat is waar, maar het is een paar maal gebeurd dat ze op een warme zomeravond de mensen op het terras van de cafetaria gezelschap ging houden. En natuurlijk: daar kon ze muizen vangen! En dat waren er veel: duizenden waren er dat, in die meer dan 10 jaar! In het begin kwam ze die naar boven brengen, naar binnen, als geschenkje voor mama en papa. Later legde ze haar slachtoffertjes op de mat voor de deur van de chalet, nog later lagen ze beneden aan de trap, en vanaf dat ene jaar dat er ontzettend veel muizen waren en ze er elke dag een drietal kon doden, liet ze die gewoon liggen waar ze ze had gedood… Af en toe lieten we haar na sluitingsuur een uurtje rondlopen in het cafetaria en, het moet gezegd: we hebben daar nooit 1 levende muis gezien. Dode ook niet trouwens… Maar wat ze ontzettend leuk vond, was tijdens de dag, maar vooral ’s nachts, aan de leiband, met papa wandelen op de camping.

Ze waren soms uren onderweg, zij op zoek naar muisjes (van de jonge vogeltjes in de beukhagen moest ze blijven van papa, wat een beetje tegen haar zin was…), en papa met een lamp op zijn hoofd, waarvan vooral de mensen in de tentjes soms enorm schrokken, midden in de nacht. Pitou gaat ook altijd mee op reis: indertijd met de auto naar de Provence, later met het vliegtuig (in de cabine onder de stoel vóór mama) naar Spanje en Portugal. Pitou zou zo in een reclamefilmpje kunnen spelen: “ik ben thuis waar mijn kattenbak staat!”, want dat is zo: ze is overal thuis. Maar het aller-aller-allerliefst logeerde ze in het grote vakantiehuis met de enorme tuin in Regueno Pequeno in Portugal! Het is nóg gebeurd dat we twee maal in hetzelfde huis verbleven, maar toen we de tweede en de derde keer de tuin van “Het huis bij de oceaan” binnenkwamen, herkende ze het meteen (de geur?): ze werd gek van vreugde en wou direct uit haar reismand!De camping is overgelaten en we zijn sindsdien alleen nog elk jaar voor anderhalve maand naar Portugal, dicht bij onze zoon en schoondochter, geweest. Voor de rest zijn we alle twee dag in, dag uit samen met onze kleine meid! En dat merken we: we zijn echt een drie-eenheid! We zijn ontzettend goed op elkaar ingespeeld, hangen echt aan elkaar, en we begrijpen elkaar, echt waar! Heeft ze de neiging om, bijvoorbeeld tijdens het “kneden” dat katten doen, haar nageltjes uit te steken, moeten we gewoon zachtjes zeggen: “niet met je nageltjes!” en dan houdt ze meteen op.

Komt tante Iris langs en Pitoutje is net boven een dutje aan het doen, is: “Pitou! Tante Iris is hier!” voldoende. Terwijl ze anders niet erg happig is op bezoek, is die tante echt haar lieveling (misschien een beetje door de dagverse en door tante eigenhandig gepelde garnalen die ze meestal meebrengt voor onze pluizenbol?). De 3 andere mensen die ze gedoogt in huis, zijn “Broere”, onze jongste zoon die haar zelfs af en toe voorzichtig mag aaien, mijn nicht die ze wat aarzelend aanvaardt maar die haar niet mag aanraken (misschien omdat ze nogal luid spreekt??), en de poetsvrouw die om de twee weken langskomt. Of ze die laatste wel “mag” of haar in huis overal volgt omdat haar met haar mooie poezenogen in het oog wil houden, daar zijn we niet zeker van! Ze volgt haar op de voet van zodra ze binnen is tot ze weer vertrekt, maar Laura mag haar toch niet aaien… Dus: kieskeurig is Pitoutje wel! Ik mag wel zeggen dat het een “mama’s poesje” is, tot overdrijvens toe! Eigenlijk zou ik mogen zeggen dat ze een “mama’s baasje” is. Nooit zoiets gehoord, zeg je? Wat dacht je dan van een kat die mama komt halen om samen in de zetel te zitten, als die zoals elke dag na de maaltijd nog wat aan tafel blijft zitten om een kopje thee of koffie te drinken en wat in de krant te lezen of een puzzel in te vullen? Meestal loopt ze luid roepend heen en weer tussen de tafel en de zetel, zoals een hond dat soms doet om iemand mee te lokken. Als mama dan komt gaat de zwart-witte pluizenbol tussen mama en de armleuning liggen wachten, tot mama de zetel in relaxstand zet, waarna Pitou als een slang op haar buik vooruitschuift tot ze haar (lange) lichaam helemaal kan uitstrekken, van aan de rugleuning tot halfweg de beensteun. Daarna draait ze zich op haar zij met haar ruggetje tegen mama’s been, wat blijkbaar de ideale houding is om gestreeld te worden. Want dat doet mama meteen! Er is ook niets dat gezelliger is, dat je meer ontspant, dat je meer ontroert dan het strelen van een o zo zachte poes die je helemaal vertrouwt, toch? Van zodra mama recht staat, doet kleine Pitou hetzelfde, tenzij mama haar verwittigt met “blijf maar liggen: mama gaat pipi doen”. Dat laatste moet erbij, wat mama ook gaat doen, want alleen dan blijft ze rustig liggen wachten op mama’s terugkeer… Terwijl mama ’s avonds niet zo vaak TV kijkt, moet ze ook dan wél, in de plaats van aan de tafel te zitten lezen of puzzelen, lekker in de zetel komen zitten… Komt mama echt niet, of is ze al gaan slapen, tja dan is papa de ideale vervanger.

Hoewel, ik moet eerder zeggen de “bijna ideale vervanger”, want papa mag/moet haar niet de hele tijd strelen, en zeker niet over haar superzachte buikje! Dat “gaan slapen” van mama, dat moet wel steeds op dezelfde manier gebeuren: mama gaat nog even naar de keuken, dan neemt ze haar pilletjes en dan komt ze naar Pitou in de zetel om de kleine meid een reeks (meestal 5) kusjes op haar kopje te geven! Dat is leuk om te zien: bij elk zoentje grimast ze een klein beetje en beweegt ze haar kopje een minuscuul stukje naar beneden. Daarna krijgt papa een zoen. Maar o wee als papa die vóór haar krijgt, of als mama geen aanstalten lijkt te maken om haar de zoentjes te geven waar ze blijkbaar recht op heeft! Dan roept ze heel luid, het klinkt haast als het geschreeuw van een meeuw!Een tijd geleden was mama zonder poezemie en papa, een paar weken bij hun oudste zoon in Portugal. Elke avond belden ze even. Uit gewoonte stond de telefoon van papa op luidsprekerstand (elke dag bellen Oudste Zoon en Schoondochter-lief naar ons in Oostende en dan doen we dat ook, zodat we echt even met ons vieren kunnen praten). Pitoutje hoorde mama’s stem en kwam snel afgelopen. Ze begon met veel intonatie tegen te “praten”, waarna mama iets tegen haar zei, en zij weer “antwoordde”… Dat duurde wel een paar minuutjes, en herhaalde zich elke dag! Ze houdt er ook niet van als we na donker nog niet thuis zijn, echt waar! We hebben enkele camera’s in huis staan, en op een keer, we brachten een avondje door bij familie, kwamen die camera’s ter spraken en papa demonstreerde die eventjes. Hij zag Pitou op de eettafel zitten, kijkend naar de gangdeur… Zo’n half uurtje later keek hij nog eens, gewoon uit nieuwsgierigheid, en ja: ze zat daar nog in exact dezelfde houding en op exact dezelfde plaats! Later nog eens… Bij een volgend avondje uit: net hetzelfde! Sindsdien kijkt papa elke keer, en elke keer zit ze daar…Dus zorgen we er nu voor dat we tijdig naar huis komen! Overdreven? Misschien wel. Verwend? Zeker wel! Maar er kwam nog iets bij waardoor we haar zo blijven verwennen: Twee jaar terug voelde mama een knobbeltje ter grootte van een erwtje onder Pitoutjes zachte velletje. Het bleek kanker te zijn. De naam ervan heb ik niet onthouden, die was ook niet van belang, het voornaamste vonden we dat het een vorm van kanker is die niet uitzaait naar longen, lever of andere vitale organen, maar dat die, als ze al terugkomt, dat min of meer op dezelfde plaats zal zijn: op haar ‘flank’ iets onder haar oksel. Het gezwelletje werd verwijderd, met een redelijke marge errond…

Maar het jaar erna, net een jaar later, was er weer een knobbeltje te voelen. Weer werd ze geopereerd, met een grote marge rond de erwt-grote tumor dit keer. Beide keren was Pitou erg ziek een paar dagen na de operatie, ze deed niets dan braken, had erge diarree en was na 3 dagen een derde van haar gewicht kwijt! Blijkbaar kan ze niet tegen de ontstekingsremmers/pijnstillers. Dat leek logisch, want toen ze een paar jaar ervoor in Spanje gevochten had met een andere kat en ze een wonde had die moest genaaid worden, ging ze ook erg overgeven en had ze ook erge diarree, kortere tijd, maar ze kreeg ook maar kort ontstekingsremmers/pijnstillers! Daarom beslisten we begin november om haar niet meer te laten opereren: ze had opnieuw een gezwel dat deze keer enorm snel leek te groeien: in 4 dagen tijd voelde ik in plaats van een erwtje, een kikkererwt onder haar velletje… Vorige keer had de dierenarts een grote marge weggenomen, hij kon dat toch niet blijven doen, steeds groter?In overleg met de dierenarts hebben we beslist om het gewoon op te volgen en van zodra we merken dat ze pijn heeft of dat het gezwel “openbarst”, laten we haar inslapen… We hopen dat die dag nog veraf is, maar ik vrees ervoor: de kikkererwt is nu de grootte van een gemiddeld mandarijntje… We proberen zoveel mogelijk tijd met haar door te brengen, en ja: haar nog wat meer te verwennen, bijvoorbeeld door haar af en toe de dingen te geven die ze ontzettend graag eet, maar vooral door bij haar te zijn en haar de aandacht, de knuffels en de aaitjes te geven waar ze naar verlangt.

Want ja: zij is toch echt ons kindje?


Juf Else

Juf Else

Else Huisseune is geboren en getogen in Oostende, als dochter van een politieagent en de conciërge van de Hendrik Conscienceschool. Na haar studie als kleuteronderwijzer, zoals dat toen heette, aan de Rijksnormaalschool te Brugge, werkte ze 5 jaar als opvoedster in een tehuis voor gerechtskinderen en deed ze een aantal jaar interims in diverse scholen langsheen de kust. Tot ze weer stond waar ze ooit de kleuterjufmicrobe opdeed: de Conscienceschool in Oostende, waar ze werkte tot haar pensioen. De laatste 2 jaar als directeur, maar overwegend, en met héél veel liefde: als juf van de “kabouterklas”, bij de 2.5 jarigen. Daar werd ze “Juf Else” genoemd, door de ouders, grootouders en de generaties peutertjes die ze leerde “graag naar school komen”, want dat vond ze het allerbelangrijkste van haar job! Iedereen in de wijk kende juf Else, en ze was, en is nog steeds fier als men haar met die eretitel aanspreekt! Ze trouwde en kreeg twee fantastische zonen, een schoondochter uit de duizend en, in de loop der jaren, een hele rij “kleinkinderen” met een snor en een staart. Een “zittend gat” had ze niet echt want ze vulde haar schaarse vrije uurtjes graag met allerlei vrijwilligerswerk. Nu echter geniet ze van het reizen, rijsttafels klaarmaken voor familie en vrienden, en tijd doorbrengen met haar kinderen. Meer over Juf Else

Pitou, de kat die er niet meer had mogen zijn

Is dit ons kindje???

Mis geen enkele blog van deze auteur!

Schrijf je in voor de nieuwsbrieven van Juf Else

Selecteer een of meerdere nieuwsbrieven:

🖂 Schrijf u hier in voor andere nieuwsbrieven
Wij spammen niet! Lees meer in onze privacy policy


U wilt reageren op deze blogpost? Dat kan op onze facebookpagina!

Vindt u wat u net las interessant? Overweeg dan om u in te schrijven op de nieuwsbrief van deze blog en ontvang een e-mail telkens iets nieuws verschijnt.